ABC-Analyse

Met deze analyse worden de producten in een drietal categorieën opgedeeld in aflopende volgorde op basis van de omzet die ze genereren (doorgaans over het afgelopen jaar). De producten in de eerste categorie (A) maken te samen ongeveer 80% van de omzet. Vaak zijn dit maar 20% van het totale product portfolio. In de volgende categorie (B) maakt ongeveer 30% van de producten 15% van de omzet. In categorie C vallen de overige producten. Dit is vaak 50% van de producten die 5% van de omzet genereren. Deze standaard verdeling is als doorsnede in de praktijk op vrijwel alle inkooppakketen en/of organisaties toepasbaar.

Cross-docking

Goederen komen binnen in het magazijn en worden daar direct gecombineerd met andere goederen, die daar reeds in opslag lagen of vanaf andere locaties verzonden zijn, tot één zending welke vervolgens naar de volgende (eind) bestemming getransporteerd worden.

VMI (vendor managed inventory)

In geval van VMI zijn er afspraken gemaakt waarbij de verkoper voor de verkochte goederen het voorraadniveau van de koper op het afgesproken voorraadniveau houdt. De koper koopt de goederen pas wanneer deze worden verbruikt of verkocht (tenzij anders overeengekomen). Hierdoor zijn de risico’s van de voorraad niet voor de koper, maar voor de verkoper. Het afleveren van de goederen in het magazijn van de koper is dan dus ook niet het moment waarop de goederen van eigenaar veranderen.

Incoterm DDP

Ook wel: Delivery Duty Paid, Franco huis

Alle kosten, rechten, plichten en risico’s die voortvloeien uit het vervoer van de goederen van de verkoper naar de koper zijn voor de verkoper. Tenzij anders afgesproken is de verkoper ook verantwoordelijk voor het lossen van de goederen. Deze term behelst de maximale verantwoordelijkheid voor de verkoper.

Incotermen (Incoterms)

De incotermen zijn internationaal erkende standaarden die betrekking hebben op de rechten en plichten van koper en verkoper bij het (internationaal) transport van goederen ten aanzien van uitvoering, betaling, risico’s en verzekering. Een aantal van de meest bekende en meest gebruikte incotermen zijn: DDP, EXW, FOB, CIF, en FCA.

Europees aanbesteden

Europees aanbesteden is een vorm van aanbesteden volgens door de Europese Unie voorgeschreven procedures. Deze gelden voor alle overheden en nutssectoren in de Europese Unie. De regels en procedures zijn vastgelegd in twee Richtlijnen:

  • Richtlijn 2004/17/EG regelt Europese aanbestedingen in de nutssectoren (gas, water, licht en openbaar vervoer) (richtlijn nutssectoren)
  • Richtlijn 2004/18/EG regelt Europese aanbestedingen voor werken, leveringen en diensten voor overheden die geen nutssector zijn (algemene richtlijn).

Deze Richtlijnen zijn in Nederland omgezet in de Aanbestedingswet 2012. De Richtlijnen zijn van toepassing zodra drempelbedragen (zie vraag 5 van metrolijn 2) voor werken, leveringen of diensten worden overschreden. Voor inkopen boven dit drempelbedrag moet een aanbestedende dienst één van de voorgeschreven inkoopprocedures hanteren en zich houden aan de drie pijlers van de Europese aanbestedingswetgeving:

  • gelijke behandeling (objectiviteit)
  • transparantie
  • proportionaliteit

De Aanbestedingswet 2012 bevat daarnaast een aantal voorschriften voor inkopen onder de drempelbedragen. Voor zover de Aanbestedingswet 2012 niets regelt moeten deze in ieder geval voldoen aan de beginselen en de voor de overheid geldende beginselen van behoorlijk bestuur.

bron: Pianoo.nl